Spinnen

Direct op zoek naar een ongediertebestrijder? Vul hieronder de 4 cijfers van uw postcode in en Bel Direct!

Spinnen

Veel mensen zijn er bang voor en anderen willen ze gewoon niet in de buurt hebben: spinnen. Of in het Latijn Araneae, een orde van geleedpotigen die vallen onder de categorie spinachtigen, Arachnida. Spinnen vind je in allerlei soorten en maten. Klein, groot, harig, ga zo maar door. Sommige spinnen zijn giftig en er zijn soorten die zelfs dodelijk zijn voor de mens.

Soorten

Er zijn zo’n 45.000 verschillende soorten spinnen. Spinnen komen overal op de wereld voor en kennen veel variantie in lichaamsbouw, gedrag en voedselvoorkeuren. Behalve dat er veel soorten zijn, is de populatiedichtheid van elke soort ook heel hoog. In Nederland en België kan je zo’n 700 soorten spinnen tegenkomen. Er zijn te veel soorten om op te noemen, maar hieronder staan een aantal van de meest bekende soorten.

Huisspin

De grijze huisspin, Tegenaria domestica, is een grote spinnensoort die behoort tot de familie van trechterspinnen en is nauw verwant aan de veldtrechterspin. Een huisspin kan bijten en deze beet kan ook pijnlijk zijn, maar gelukkig zijn huisspinnen zelden agressief en laten ze de mens meestal gewoon met rust.

Trilspin

De grote trilspin, Pholcus phalangioidies, is een spinnensoort die behoort tot de familie van trilspinnen. De trilspin is een van de meest voorkomende soorten in Nederland en België, maar je komt deze spin wereldwijd tegen. Opmerkelijk aan de trilspin is dat ze vaak een onregelmatig web maken van een paar draden waar een prooi in kan vliegen en daarna pas draden over hun prooi heen gooien om de prooi in te snoeren.

Kruisspin

In je tuin zal je vooral de kruisspin tegenkomen, Araneus diadematus. Een middelgrote spin die behoort tot de wielwebspinnen. In tegenstelling tot andere soorten, is de kruisspin totaal niet schuw en zit vaak midden in haar web, waardoor de spin erg opvalt voor de mens. Opvallend aan de kruisspin is het patroon op het achterlijf van het dier dat lijkt op een kruis.

Veldtrechterspin

De veldtrechterspin, Tegenaria agrestis, valt onder de trechterspinnen, net als de huisspin. Deze spinnen maken een niet-klevend web in de vorm van een tunnel met aan het eind een trechter. In de trechter wacht hij tot er een prooi in verzeild raakt. De veldtrechterspin is schuw en deze probeert mensen te mijden.

Leefgebied van spinnen in Nederland

Spinnen zijn slimme overlevers en kom je werkelijk overal tegen, behalve op plekken waar het permanent koud is zoals Antarctica. De verspreiding van een soort hangt af vanuit welke familie ze komen. Sommige groepen komen bijvoorbeeld maar in een beperkt deel van de wereld voor. Denk aan de vogelspin die alleen in bepaalde gebieden voorkomt. Aan de andere kant kom je de pantserzakspin wereldwijd tegen, van alle spinnenfamilies heeft deze een van de grootste verspreidingsgebieden.

In Nederland kan je dus zo’n 700 soorten tegenkomen. Van deze soorten zijn er maar een aantal qua naam bekend bij de meeste mensen. Toch zijn er hier veel soorten te vinden, waarvan de meesten in heel Nederland te zien zijn. Denk aan de kruisspin, die kan in heel Nederland wonen, maar wel enkel buiten in tuinen en niet in huis.

Een spin die wel een specifieker leefgebied heeft is de kalkmijnspin, die alleen in zuidelijk Limburg leeft en lange tunnels graaft die bekleed worden met spinrag.

Nog zo’n spinnensoort met een voorkeursgebied is de waterspin, die – zoals zijn naam al aangeeft – alleen onder water leeft.

De spinnen die je in Nederland en België kan tegenkomen zijn gelukkig geen gevaarlijke spinnen. Wel zijn er soorten die je beter kan vermijden omdat hun beet pijnlijk kan zijn, zoals een beet van de roodwitte celspin, spoorspin of waterspin.

Uiterlijke kenmerken van spinnen

Ondanks dat er zoveel verschillende soorten spinnen zijn, kan je wel vrij gemakkelijk identificeren wanneer je met een spin te maken hebt. Een spin heeft altijd 8 poten en een lichaam dat uit twee delen bestaat. Het voorste deel draagt de poten. Spinnen bezitten vrijwel allemaal 4 paar ogen, oftewel 8 ogen in totaal.

Qua formaat hebben de meeste spinnen een lichaamslengte van ongeveer een centimeter (zonder poten). Een aantal soorten kunnen wel een erg groot lichaam krijgen, maar deze komen niet voor in Nederland.

Vergelijkbare insecten

Onder de categorie spinachtigen vallen ook dieren zoals zeespinnen, hooiwagens, teken en mijten. Deze hebben ook 8 poten, maar kunnen officieel geen spin worden genoemd. De categorie Aranae is waar je de ‘echte’ spinnen in tegenkomt. Schorpioenen lijken ook op spinnen, maar deze hebben grijpklauwen en een verlengd deel van het achterlijf met een gifstekel.

Je kan hooiwagens, teken en mijten onderscheiden doordat bij deze het lichaam 1 geheel is, terwijl dat bij spinnen uit twee gedeeltes bestaat.

Leefwijze

Wat zeer karakteristiek is voor spinnen, is het produceren van spinsel. Er zijn nog een aantal insecten en mijten die ook spinsel kunnen produceren, maar alleen de spin doet dit met de spintepels aan het achterlijf. Rupsen produceren bijvoorbeeld spinsels vanuit klieren bij de kop.

Een groot deel van de spinnensoorten gebruikt dan ook haar web om prooi mee te vangen. Vooral het plakkerig web is een bekende methode. Deze webben kunnen op verschillende manieren gebruikt worden. Een horizontaal web om prooien te vangen die vanuit de grond willen opstijgen of een verticaal web voor horizontale prooien. Maar er zijn bijvoorbeeld ook trechtervormige webben, waarin een prooi kan worden gelokt. Met 45.000 spinnensoorten, zijn er heel veel manieren waarop het web wordt gebruikt.

Het web wordt onder andere gebruikt voor: het vangen van prooien door ze vast te kleven, het inpakken van een prooi om ze op te eten, het voorzien van een woontunnel, het verankeren van het lichaam bij het lopen of springen, het verspreiden als jonge spin door weg te zweven en ga zo maar door.

Wat eten spinnen

Spinnen worden door vele gezien als een soort ongedierte, maar tegelijkertijd zijn ze zelf ook een soort ongediertebestrijding, zo eten ze bijvoorbeeld andere insecten zoals muggen. Spinnen leven voornamelijk van levende prooien, maar ze hebben een wijd uiteenlopend scala aan voedselvoorkeuren en methoden om prooien te vangen.

Wat een spin eet, hangt af van de soort en het formaat. Grote vogelspinnen kunnen muizen en kleine slangen eten. Maar meestal eten ze insecten, zoals muggen en vliegen die in het web terechtkomen. Enkele soorten eten soms ook plantaardig voedsel, zoals stuifmeel, nectar, plantensap, bladeren en zaden.

Vijanden van de spin

De spin heeft een groot aantal natuurlijke vijanden. Variërend van parasieten en eencellige ziekteverwekkers tot natuurlijk grotere dieren waardoor ze worden opgegeten. Allerlei insecteneters vormen een gevaar voor de spin. Al is de spin geen insect, voor een reptiel, amfibie of vogel maakt dit niet uit. Naast dieren die spinnen opeten als voeding, zijn er ook spinnendoders, familie van de sluipwespen.

Als een spin wordt bedreigd, zullen sommige soorten hun voorpoten oprichten en tonen ze de cheliceren (kaken). Grotere soorten kunnen zelfs sissen.

Voortplanting en levensduur

Spinnen komen voort uit een ei, het aantal verschilt per soort, maar gemiddeld zet een spin enkele honderden eieren af. Veel soorten kennen een post-embryonaal stadium waarbij ze een vrijwel ronde lichaamsvorm hebben. Kenmerkend aan spinnen is dat ze vervellen. Na de eerste vervelling beginnen de spinnetjes meer op hun ouders te lijken. Alleen qua kleur zijn ze nog anders.

Bij veel soorten is er sprake van dimorfisme, waarbij het vrouwtje en mannetje er anders uitzien. Vaak is het mannetje kleiner dan het vrouwtje. Mannetjes zoeken altijd de vrouwtjes op om te paren. Hierbij kan kannibalisme optreden, het vrouwtje eet het mannetje op, waardoor het riskant kan zijn voor het mannetje op een partner te zoeken. Dit is echter alleen bij een klein deel van de spinnen voorkomend.

Ook de leeftijd is weer heel afhankelijk van de soort. Een kruisspin wordt bijvoorbeeld ongeveer een jaar oud, ze komen de winter vaak niet door. In de tropen heb je geen winter en kan een vogelspin wel 10 tot 15 jaar oud worden. In Nederland zijn er een aantal spinnen die 2 tot 3 jaar oud kunnen worden, maar dit is dus best al wel een hele prestatie.

Overlast en ziektes

In principe zorgt een spin niet voor overlast, ze zorgen er juist voor dat andere ongewenste insecten zoals muggen worden gevangen en opgegeten. Maar niet iedereen is fan van spinnen, door webvorming kan er vervuiling ontstaan op ramen, kozijnen en houtwerk. Sommige webben zijn lastig om te verwijderen en het ziet er natuurlijk niet fris uit. Ze verstoppen zich op allerlei plekken in en buiten het huis waar het klein, warm en donker is. Zoals spleten, kieren in muren en hoeken, ventilatieopeningen, onder dakopeningen en bij de buitenverlichting.

Spinnen in Nederland en België zijn niet gevaarlijk voor de mens. Ze dragen gif bij zich, maar dit is alleen dodelijk voor insecten. Ook dragen spinnen in de Benelux geen ziektes met zich mee. Het is een misstand dat spinnen de ziekte van Lyme bij zich dragen. Dit zijn teken, die vallen onder de spinachtigen, maar geen spin zijn.

Bestrijding

Er zijn meerdere manieren hoe je van spinnen af kunt komen. Vooral voorkomen is belangrijk. Verwijder spinnenwebben zodra je ze ziet, laat je verlichting niet altijd aan staan (dit vinden ze fijn) en maak zoveel mogelijk kieren en gaten in je huis dicht.

Toch spinnen in huis? Dan zijn er diervriendelijke manieren om van ze af te komen. Bijvoorbeeld door ze te vangen en buiten neer te zetten. Dit kan met een potje of een zogenoemde spinnenvanger; de spin komt hierbij vast te zitten tussen dichtklappende borstels, waarna je naar buiten kan lopen en de spin weer uit de borstels kan laten ontsnappen. Azijn en citroen vinden ze niet fijn ruiken, dus als je hiermee gaat sprayen kan dit ze weghouden.

Als je dat niet durft of er te veel spinnen zitten, dan moet je gaan verdelgen. Bijvoorbeeld met een stofzuiger of insecticidespray waarmee je de dieren doodt. Als je echt met je handen in het haar zit vanwege een spinnennest bijvoorbeeld, dan kan je altijd nog een professional inschakelen om van de spinnen af te komen.